Ecologie en BREEAM-NL certificering: zo belangrijk is het voor jouw project
Leestijd: 6 minuten
Publicatiedatum: 30 maart 2026
Bijgewerkt op: 18 augustus 2026
Auteur: Sander Hartog
BREEAM-NL is in Nederland het meest gebruikte certificeringssysteem voor duurzame gebouwen en gebiedsontwikkelingen. Veel mensen associëren het keurmerk primair met energieprestaties en materiaalgebruik. Maar ecologie en biodiversiteit spelen een grotere rol binnen BREEAM-NL dan vaak wordt gedacht, en die rol groeit. In deze blog leggen we uit wat BREEAM-NL precies is, hoe ecologie daarbinnen is verankerd en wat dat in de praktijk betekent voor jouw project.
Wat is BREEAM-NL?
BREEAM staat voor Building Research Establishment Environmental Assessment Method en is oorspronkelijk ontwikkeld in het Verenigd Koninkrijk. De certificeringsmethode is vervolgens aangepast om van toepassing te kunnen zijn op de Nederlandse bouw- en vastgoedsector, dit noemen we BREEAM-NL. DGBC (de Dutch Green Building Council) is de beheerder van deze Nederlandse certificeringsmethode voor gebouwen en gebieden.
BREEAM-NL bevat drie verschillende schema’s: Nieuwbouw en Renovatie, In-Use en Gebied. Voor elk schema gelden eigen beoordelingsrichtlijnen. Op basis van negen categorieën wordt in een score van één tot vijf sterren beoordeeld hoe er wordt gescoord. De negen categorieën zijn; management, gezondheid, energie, transport, water, materialen, afval, landgebruik & ecologie en vervuiling.
Waar energie en gezondheid de belangrijkste onderwerpen waren in de beginjaren van BREEAM-NL, spelen circulariteit, klimaatadaptatie en biodiversiteit nu een steeds grotere rol. Ecologie is daarmee geen bijzaak meer, maar een sterk thema binnen het certificeringssysteem.
Hoe zwaar weegt ecologie binnen BREEAM-NL?
De categorie landgebruik & ecologie vertegenwoordigt een weging van 10% van de totale BREEAM-NL score. Dat klinkt misschien weinig, maar in de praktijk is het gewicht groter dan het getal suggereert. Ecologie raakt namelijk aan meerdere andere categorieën, zoals gezondheid, klimaatadaptatie en materiaalgebruik, en een goed doordachte ecologische aanpak levert vaak ook op andere vlakken punten op.
Ecologie draait binnen BREEAM-NL om het behoud van ecosystemen en het bevorderen van de biodiversiteit rondom het perceel. Idealiter draagt de gebouwde omgeving positief bij aan biodiversiteit en ecologie op alle niveaus. Dat is precies de gedachte die achter de ‘ecologiecredits’ schuilgaat, niet alleen schade voorkomen, maar actief bijdragen aan de kwaliteit van de leefomgeving.
Welke credits zijn er binnen de categorie landgebruik en ecologie?
Binnen BREEAM-NL In-Use vallen de credits voor landgebruik en ecologie uiteen in twee delen: credits die betrekking hebben op de fysieke staat van het gebouw en terrein (het zogenoemde ‘asset’-deel), en credits die gaan over het beheer op langere termijn (het ‘beheer’-deel). We lichten ze hieronder toe.
Asset
LUE 01: Oppervlak met groenvoorzieningen
Deze credit beoordeeld de huidige groenvoorziening die in potentie kan bijdragen aan de biodiversiteit, als het groen op de juiste wijze wordt beheerst of versterkt. Een praktijkvoorbeeld hiervan is het aanbrengen van groen wanden op een gevel (zogenoemd plug planted).
LUE 02: Ecologische voorzieningen
Deze credit verhoogt het bewustzijn van de ecologische staat op het perceel en versterkt de biodiversiteit. Maatregelen die hierbij getroffen kunnen worden zijn, traditionele groenvoorziening zoals tuinen, groene daken, groene gevels en het aanbrengen van bijvoorbeeld vleermuisverblijven.
Beheer
LUE 03: Ecologisch onderzoek
Deze credit stimuleert organisaties om de ecologische staat vast te stellen en te verbeteren op basis van aanbevelingen van een erkend ecoloog. Het onderzoek bepaalt de huidige en potentiële ecologische waarde van het perceel, de directe en indirecte risico’s voor die waarde, en de mogelijkheden om de biodiversiteit actief te versterken. Het onderzoek wordt uitgevoerd op geschikte momenten in het jaar om de aanwezige habitats en soorten goed te kunnen beoordelen.
> Bekijk onze dienst: Soortspecifiek onderzoek
LUE 04: Beleidsplan biodiversiteit
Deze credit richt zich op het opstellen van een langetermijnstrategie voor biodiversiteit, waarmee de ecologische staat van het perceel structureel wordt gewaarborgd en verbeterd. Het beleidsplan beschrijft concrete doelstellingen en maatregelen voor de komende jaren.
Wat betekent dit concreet voor een project?
In de praktijk betekent het behalen van credits binnen landgebruik en ecologie dat een erkend ecoloog (soms benoemd als Suitably Qualified Ecologist) vroeg in het proces wordt betrokken. Die betrokkenheid kan beginnen met een ecologische quickscan en kan resulteren in een uitgebreidere rapportage, waarmee de huidige ecologische staat van de locatie in kaart wordt gebracht. Op basis daarvan worden aanbevelingen gedaan voor inrichtingsmaatregelen en een lange termijn beheerplan.
Maatregelen die kunnen bijdragen aan het behalen van credits zijn onder andere:
- Het integreren van nestvoorzieningen voor vogels zoals huismussen en gierzwaluwen in de gevel of het dakontwerp.
- Het aanbrengen van vleermuisverblijven aan gevels of onder dakconstructies.
- Het aanleggen van groene daken of gevels met inheemse beplanting.
- Het inrichten van kruidenrijke stroken en insectenhotels op het terrein.
- Het opstellen van een duurzaam biodiversiteitsbeheersplan voor de lange termijn.
Het stedelijk milieu is een verrassend veelzijdig leefgebied, waar met gerichte aandacht zinvol beschermingswerk mogelijk is. Voor gebouwbewonende soorten (zoals vleermuizen en gierzwaluwen) zijn tegenwoordig tal van goede maatregelen mogelijk. Dat maakt ecologie binnen BREEAM-NL tot een categorie die ook in stedelijke projecten goed in te vullen is en in de praktijk vraagt dit om vroegtijdige betrokkenheid van een ecoloog.
> Lees meer over hoe architecten biodiversiteit kunnen meenemen in hun ontwerp of ecologische kansen in het ontwerp
Wanneer in het project schakel je een ecoloog in voor BREEAM-credits?
Ecologisch onderzoek voor credit LUE 03 vraagt om het vaststellen van de huidige ecologische waarde van de locatie en de kansen voor ecologische verbetering. Er kunnen aanvullende soorteninventarisaties nodig zijn. Of aanvullend onderzoek naar beschermde soorten nodig is, hangt af van de kenmerken van de locatie en de voorgenomen werkzaamheden. Wordt een ecoloog pas ingeschakeld nadat de bouw- of renovatiefase al is gestart, dan loop je het risico dat het juiste onderzoeksmoment al voorbij is, waardoor je moet wachten voordat de credit alsnog behaald kan worden.
> Lees meer over de seizoenskalender: wanneer voer je welk soortenonderzoek uit? of ecologie en nieuwbouw: waar moet je rekening mee houden?
Het ideale moment: de ontwerpfase
In de ontwerpfase is er nog voldoende ruimte om ecologische maatregelen daadwerkelijk in het plan te integreren, in plaats van ze achteraf toe te voegen. Denk aan het meenemen van vleermuisverblijven in de gevelconstructie of het reserveren van ruimte voor groene daken. Ook kan worden nagedacht over het zo positioneren van het gebouw dat bestaande waardevolle begroeiing behouden kan blijven. Dit soort maatregelen is aanzienlijk goedkoper en effectiever wanneer ze vanaf de tekentafel worden meegenomen, dan wanneer ze achteraf worden “ingepast” in een al vastliggend ontwerp.
Wat als je pas later in het project instapt?
Ook als het ontwerp al vastligt, is het zeker niet te laat om alsnog ecologische credits na te streven. Het uitgangspunt verschuift dan van “ecologie meenemen in het ontwerp” naar “ecologie inpassen binnen de bestaande kaders”. Denk aan het alsnog toevoegen van insectenhotels, kruidenrijke stroken of een beheerplan voor het bestaande groen. Dit levert nog steeds waardevolle punten op, maar de meest impactvolle en kosteneffectieve maatregelen, zoals bouwkundige voorzieningen in gevels of daken, zijn dan vaak niet meer haalbaar zonder aanzienlijke meerkosten.
Voor In-Use certificering: een doorlopend traject
Bij BREEAM-NL In-Use, dat gericht is op bestaande gebouwen, ligt de timing net iets anders. Hier gaat het niet om een eenmalig ontwerpmoment, maar om een doorlopend beheertraject. Een ecoloog kan hier op ieder moment worden ingeschakeld om de huidige ecologische staat vast te stellen, al is het wel verstandig om dit ruim vóór een geplande hercertificering te doen. Zo is er voldoende tijd om eventuele verbetermaatregelen, zoals maatregelen om de ecologische waarde van de locatie te verbeteren.
Is ecologisch onderzoek verplicht voor een BREEAM-NL certificering?
Niet voor het behalen van een BREEAM-NL-certificaat als geheel, maar wel voor verschillende credits binnen de categorie Landgebruik en Ecologie (LUE). Voor deze credits is doorgaans een beoordeling door een ecologisch deskundige nodig. Zonder deze ecologische onderbouwing kun je de betreffende credits niet behalen, wat invloed heeft op de uiteindelijke BREEAM-score.
Ecologie als onderdeel van een bredere duurzaamheidsstrategie
Wat BREEAM-NL onderscheidt van een puur wettelijke benadering van ecologie, is dat het de lat hoger legt dan alleen voldoen aan de Omgevingswet. Waar de wet zich richt op het voorkomen van schade aan beschermde soorten, vraagt BREEAM-NL om een actieve bijdrage aan de verbetering van biodiversiteit. Dat is een groot verschil in perspectief, van ‘geen schade doen’ naar ‘waarde toevoegen’.
Praktijkvoorbeelden
Nationale Opera & Ballet scoorde in de BREEAM-NL categorie landgebruik en ecologie 33% hoger dan bij de vorige certificering in 2019, door het bevorderen van de biodiversiteit en het optimaal inrichten van de buitenruimte. In overleg met een stadsecoloog is nagedacht over de buitenruimte, waarbij overtollig regenwater tijdelijk wordt opgevangen in aangelegde tuinen en de biodiversiteit wordt gestimuleerd door het plaatsen van mussenkasten op het gebouw. Dit voorbeeld laat zien dat ecologische maatregelen en bouwambities elkaar uitstekend kunnen versterken.
PwC Nederland behaalde in 2025 opnieuw de hoogst haalbare score binnen de BREEAM-NL In-Use certificering, vijf sterren, oftewel ‘outstanding’. Hierbij zijn alle twaalf kantoorpanden beoordeeld op negen duurzaamheidsthema’s, waaronder landgebruik & ecologie. Ook voor bestaande gebouwen biedt ecologie dus concrete kansen om hoger te scoren.
Een investering in ecologie en een hogere BREEAM-NL score levert vaak meer op dan je denkt. Duurzame gebouwen kunnen potentieel hogere huren realiseren, komen soms in aanmerking voor subsidies en hebben vaak lagere kosten op de lange termijn. Daarnaast zijn ze aantrekkelijker voor huurders, zeker nu duurzaamheid en Environmental, Social and Governance (ESG) steeds belangrijker worden. Ook zorgt een groene omgeving voor prettigere werkplekken en gezondere, productievere medewerkers.
Conclusie: Ecologie is onmisbaar voor een sterke BREEAM-NL score
Ecologie is binnen BREEAM-NL een inhoudelijk thema dat kansen biedt voor elk type project. De credits voor landgebruik en ecologie vragen om een erkend ecoloog, een sterke rapportage en een langetermijnblik op biodiversiteit. Wie dat goed aanpakt, scoort niet alleen punten voor het certificaat, maar bouwt ook aan een kwalitatief betere en toekomstbestendige omgeving.
Bij Eceau hebben we kennis en ervaring om grondig ecologisch onderzoek te verrichten. Wil je weten wat wij voor jouw project kunnen betekenen? Neem contact met ons op voor een vrijblijvend advies.


