De grootste misverstanden over stikstofberekeningen

Een bouwproject in Nederland waarbij stikstof wordt uitgestoten

Leestijd: 6 minuten
Publicatiedatum: 23 februari 2026

Auteur: Sander Hartog

Stikstofberekeningen zijn tegenwoordig onlosmakelijk verbonden met ruimtelijke projecten in Nederland. Of het nu gaat om woningbouw, infrastructuur of het verplaatsen van een bedrijf, zonder een juiste berekening van de stikstofdepositie mag een project vaak niet van start gaan. Toch zijn er veel misverstanden over wat stikstofberekeningen eigenlijk zijn, wat ze wel en niet laten zien, en welke rol ze spelen. In deze blog zetten we de grootste misverstanden op een rijtje.

Wat zijn stikstofberekeningen eigenlijk?

Voordat we ingaan op de misverstanden is het goed om kort te verduidelijken wat we bedoelen met stikstofberekeningen. In Nederland wordt de stikstofdepositie – de neerslag van stikstofoxiden (NOx) en ammoniak (NH₃) – berekend met standaard rekenmodellen zoals de AERIUS-calculator. Deze modellen combineren gegevens over emissie van verschillende bronnen (landbouw, verkeer, industrie) met gegevens over verspreiding en depositie. Op deze manier kan je inzicht krijgen in hoeveel stikstof op natuurgebieden neerkomt. 

💡 Stikstof is op zichzelf een onschadelijk element dat ongeveer 78% van onze lucht uitmaakt. Het probleem ontstaat pas wanneer stikstofverbindingen zoals NOx en NH₃ in de natuur neerslaan en de biodiversiteit onder druk zetten.

Misverstand 1: “Stikstofberekeningen zijn onnauwkeurig omdat ze alleen op modellen zijn gebaseerd”

Een veelgehoorde kritiek is dat stikstofberekeningen onbetrouwbaar zouden zijn omdat ze uitsluitend gebruikmaken van modellen en niet van metingen in het veld.

In werkelijkheid zijn de gebruikte modellen gebaseerd op wetenschappelijke inzichten over emissies, verspreiding en neerslag van stikstofverbindingen. Ze worden regelmatig gecontroleerd met meetgegevens en aangepast als er nieuwe inzichten zijn. Het is praktisch onmogelijk om op elke locatie en voor elke bron continu metingen uit te voeren, waardoor opgestelde modellen noodzakelijk zijn om landelijke en regionale patronen inzichtelijk te maken.

Dat modellen onzekerheidsmarges kennen, betekent niet dat ze willekeurig zijn. Integendeel, juist doordat ze gestandaardiseerd en landelijk toegepast worden, zorgen ze voor een consistente en een juridisch toetsbare basis bij vergunningverlening.

Misverstand 2: “Nederland is veel strenger dan andere landen”

Vaak wordt gezegd dat Nederland uitzonderlijk streng is en zichzelf op slot zet met stikstofregels die elders in Europa niet gelden.

In werkelijkheid is de juridische basis overal in de Europese Unie hetzelfde, namelijk de bescherming van Natura 2000-gebieden onder de Habitatrichtlijn. Het verschil zit vooral in de uitgangssituatie. Nederland heeft relatief veel beschermde natuur op korte afstand van grote (economische) activiteiten, waardoor kritische depositiewaarden sneller worden bereikt en overschreden.

Daar komt bij dat veel Nederlandse natuurgebieden al jarenlang overbelast zijn. Hierdoor is er minder ‘ruimte’ beschikbaar voor extra depositie dan in landen met grotere of minder intensief belaste natuurgebieden.
> Lees meer over waarom stikstof zo’n grote rol speelt bij bouw- en infraprojecten

Een hert in beschermd natura 2000-gebied de Veluwe
Met name de Veluwe krijgt te veel stikstof te verwerken dit zorgt voor algemene verruiging en het afsterven van bossen.

Misverstand 3: “Stikstofberekeningen kloppen niet omdat verschillende bronnen anders worden gemeten”

Ook klinkt regelmatig dat verschillende sectoren, zoals landbouw en verkeer, met andere uitgangspunten worden berekend en dat dit zou leiden tot scheve uitkomsten.

Het klopt dat verschillende bronnen andere emissiefactoren hebben. Een stal produceert immers andere stikstofverbindingen dan een snelweg of machine. Toch worden al deze emissies samengebracht in één rekenmodel, waarin vaste invoergegevens en rekenregels gelden. Hierdoor ontstaat een volledig beeld van de totale depositie op Natura 2000-gebieden.

Daarnaast worden emissiefactoren regelmatig geüpdatet en dus actueel gemaakt op basis van nieuwe technische inzichten en meetresultaten. Dat maakt het systeem dynamisch, maar zeker niet willekeurig.

Misverstand 4: “Stikstofberekeningen beïnvloeden geen besluiten”

Soms wordt gedacht dat stikstofberekeningen vooral ‘beleidsinstrument’ zijn en weinig directe impact hebben op concrete projecten.

In de praktijk vormen de uitkomsten van stikstofberekeningen juist een essentieel onderdeel van vergunningprocedures. Als uit een berekening blijkt dat de depositie toeneemt op een overbelast Natura 2000-gebied, moet worden aangetoond dat significante effecten zijn uitgesloten. Lukt dat niet, dan kan een vergunning worden geweigerd of moet het project worden aangepast.

Rechtspraak heeft bovendien bevestigd dat een onderbouwing met stikstofberekeningen juridisch houdbaar moet zijn. Onvoldoende of onjuiste berekeningen kunnen leiden tot de vernietiging van een besluit. Daarnaast spelen stikstofberekeningen een rol in beleidskeuzes op provinciaal en landelijk niveau. Ze bepalen waar ontwikkelruimte nog mogelijk is en waar aanvullende maatregelen nodig zijn.

Misverstand 5: “Stikstofberekeningen kunnen de natuur niet redden”

Sommigen zien stikstofberekeningen puur als iets administratiefs, cijfers op papier die weinig bijdragen aan daadwerkelijk natuurherstel.

Hoewel een berekening op zichzelf geen natuur herstelt, maakt het wel inzichtelijk waar de grootste belasting plaatsvindt en hoeveel reductie nodig is om doelen te bereiken. Zonder dit inzicht is doelgericht beleid eigenlijk niet mogelijk. Het zou neerkomen op reizen van a naar b zonder een goedwerkende navigatie.

Stikstofberekeningen vormen daarom een noodzakelijke schakel tussen emissiebronnen en natuurdoelen. Ze maken zichtbaar waar knelpunten liggen en welke maatregelen effect kunnen hebben. Bovendien helpen de uitkomsten bij het prioriteren van herstelmaatregelen in specifieke Natura 2000-gebieden. Wanneer duidelijk is waar de overschrijdingen het grootst zijn, kan gerichter worden gewerkt aan mogelijke maatregelen en natuurherstel. De berekening is daarmee geen eindpunt, maar een vertrekpunt voor actie!

Hijskranen op een bouwplaats in Nederland
Bij projectontwikkeling is een stikstofberekening cruciaal om negatieve gevolgen voor de natuur uit te sluiten.

Hoe werkt een stikstofberekening in de praktijk?

Veel discussies gaan over de uitkomst van stikstofberekeningen, maar minder vaak over het proces erachter. In de praktijk is een stikstofberekening een analyse waarbij emissies van bijvoorbeeld een bouwproject worden omgerekend naar depositie op Natura 2000-gebieden.

Een stikstofberekening is:

  • Gebaseerd op projectgegevens
    
De berekening start met concrete invoergegevens zoals verkeer, type materieel, brandstofgebruik of bedrijfsactiviteiten. Zonder realistische en goed onderbouwde invoer is een uitkomst niet bruikbaar, waardoor de kwaliteit van de input cruciaal is.
  • Gericht op zowel bouw- als gebruiksfase

    Er wordt onderscheid gemaakt tussen tijdelijke emissies tijdens de bouw en structurele emissies in de gebruiksfase. Beide fasen kunnen afzonderlijk effect hebben op Natura 2000-gebieden en moeten daarom apart worden beoordeeld.
  • Uitgevoerd met een erkend rekeninstrument
    
In Nederland wordt hiervoor de AERIUS Calculator gebruikt. Dit is het landelijk voorgeschreven model waarmee de stikstofdepositie op beschermde natuurgebieden wordt berekend en waarmee de uitkomst juridisch kan worden getoetst.
  • Toetsend aan kritische depositiewaarden
    De uitkomst van de berekening wordt afgezet tegen de zogeheten kritische depositiewaarden van habitattypen. Als blijkt dat de depositie toeneemt op een overbelast gebied, is een aanvullende onderbouwing of zijn mitigerende maatregelen nodig.


Bijvoorbeeld: bij een woningbouwproject worden verkeersbewegingen, bouwmaterieel en toekomstige bewoners ingevoerd in het rekenmodel. Vervolgens wordt berekend of deze activiteiten leiden tot een toename van stikstofdepositie op nabijgelegen Natura 2000-gebieden. Het doel is niet alleen een getal produceren, maar vaststellen of het project juridisch uitvoerbaar is en onder welke voorwaarden.
> Bekijk onze dienst: Stikstof (Aerius) berekeningen of lees meer over intern salderen en extern salderen

Conclusie: Stikstofberekeningen zijn geen willekeurige formules

Rond stikstofberekeningen bestaan veel misverstanden, vaak omdat het onderwerp zowel technisch complex als maatschappelijk gevoelig is. Toch vormen stikstofberekeningen geen willekeurige rekensommen, maar wetenschappelijk onderbouwde modellen die een centrale rol spelen in vergunningverlening en beleidsvorming. Ze maken inzichtelijk hoeveel stikstofdepositie een project veroorzaakt en of dit leidt tot een toename op veelal overbelaste Natura 2000-gebieden.

Hoewel een berekening op zichzelf geen natuur herstelt, is het wel essentieel om te bepalen waar ruimte bestaat voor ontwikkeling en waar extra maatregelen nodig zijn. Zonder deze onderbouwing ontbreekt de juridische en ecologische basis. Stikstofberekeningen zijn daarmee geen hindernis, maar noodzakelijk om projecten zorgvuldig af te wegen tegen de bescherming van onze kwetsbare natuur.

Heb je een stikstof berekening nodig? Of wil je weten hoe wij mee kunnen denken met je project? Neem contact met ons op voor een vrijblijvend advies.