Seizoenskalender: Wanneer voer je welk soortenonderzoek uit?

Een wilde eend op een meer in Nederland

Leestijd: 6 minuten
Publicatiedatum: 2 Januari 2026

Auteur: Sander Hartog

Bij soortenonderzoek is timing cruciaal, flora- en fauna hebben namelijk een levenscyclus, zoals broed-, bloei- of overwinteringsperioden, en dat bepaalt wanneer een ecologisch onderzoek het meest effectief is. Door tijdig onderzoek te plannen, voorkom je juridische moeilijkheden, vertragingen en onnodige schade aan beschermde soorten. In deze blog schetsen we een praktische seizoenskalender, zodat je weet wanneer welk soortonderzoek uitgevoerd kan worden.

Lente (maart – mei)

Iedereen voelt het in de lucht, het is weer lente. Het voorjaar is de start van het broed- en groeiseizoen. Planten beginnen te ontluiken en dieren worden actiever na de winterrust. Het is een periode van verandering en groei, waarin het landschap langzaam weer tot leven komt en veel ecologische processen opnieuw op gang komen. Dit is een cruciale periode voor veel soortenonderzoeken.

Onderzoeksmogelijkheden zijn onder andere:

  • Broedvogels, vogels beginnen hun nesten te bouwen, vaak op specifieke plekken zoals daken, spouwmuren of bomen. Broedvogel inventarisaties geven inzicht in aanwezigheid van beschermde soorten.
  • Vroege bloeiers en planten, soorten zoals daslook, bosanemoon of lelietjes-van-dalen zijn in het voorjaar zichtbaar. Het is de periode voor een effectief plantonderzoek.
  • Zoogdieren, worden actiever na de winterrust. Bijvoorbeeld egels, hazen, marters en bunzingen gaan weer op zoek naar voedsel en nestplaatsen. Dit seizoen is ideaal om nesten, holen en beweegpatronen te inventariseren.


In de lente begint het broedseizoen van vogels (voor de meeste soorten van half maart tot half juli), dus werkzaamheden zoals bouwen en slopen kan alleen als er geen nesten aanwezig zijn. Indien deze wel aanwezig zijn, zijn beschermende maatregelen of vergunningen vereist.
> Lees meer over gierzwaluwen en de omgevingswet of hoe je kunt weten of huismussen in een gebouw of woning broeden

Zomer (juni – augustus)

De zomer is het hoogseizoen voor veel dieren en insecten. Alles staat in bloei, dieren zijn volop bezig met voortplanting en voedsel verzamelen, ook het landschap is op zijn meest dynamisch en kleurrijk. Deze periode biedt een duidelijk beeld van de ecologische rijkdom en interacties tussen soorten.

Onderzoeksmogelijkheden zijn onder andere:

  • Broedvogels, de nesten zijn nu in volle ontwikkeling, een laatste controle is nodig voordat ingrepen plaatsvinden.
  • Vleermuizen, zijn nu actief en maken gebruik van kraamverblijven, paarverblijven en vaste vliegroutes. Ecologen voeren in deze periode onder andere veelvoudige quickscans en uitgebreid soortenonderzoek uit.
  • Insecten, vlinders en bestuivers, zomer is de piekperiode voor insectenonderzoek. Ecologen inventariseren populaties van bijen, vlinders en andere bestuivers die essentieel zijn voor de lokale biodiversiteit.
  • Amfibieën en reptielen, nog steeds actief, vaak nabij water of in schaduwrijke gebieden.
  • Bodem- en waterfauna, de zomermaanden zijn een goed moment om bodembewoners en waterorganismen te inventariseren. Denk aan de kwaliteit van vijvers, sloten en het effect van maatregelen op de lokale biodiversiteit. Dit type onderzoek wordt vaak uitgevoerd bij projecten met directe invloed op watergangen of bodemkwaliteit.

 

Het is dus perfect voor inventarisatie van actieve soorten en het monitoren van maatregelen die eerder zijn genomen, zoals tijdelijke nestkasten. Tijdens het zomerseizoen worden veel ecologische quickscans uitgevoerd, voor onder andere gierzwaluwen, huismussen en vleermuizen.
> Lees meer over onze dienst: Ecologische Quickscan

Waterorganismen onderzoeken in de zomer geeft inzicht in de gezondheid van de lokale waterbiodiversiteit.

Herfst (september – november)

De herfst is een overgangsperiode waarin de natuur zich voorbereidt op de winter. Planten rijpen hun zaden en bladeren verkleuren, terwijl dieren voedsel verzamelen en schuilplaatsen opzoeken. Het is een tijd van oogsten en afbouw, waarin de structuren van het landschap weer beter zichtbaar worden voor observatie en planning.

Onderzoeksmogelijkheden zijn onder andere:

  • Planten en vegetatie, late bloeiers en zaadvorming worden zichtbaar, waardoor het mogelijk is om herstel- of compensatiezones te plannen.
  • Bodembewoners en kleine zoogdieren, het observeren van overwinteringsplaatsen en voedselopslag helpt bij ecologische compensatie.
  • Samenhang van landschap, ecologen kunnen beoordelen hoe het groen en open ruimtes met elkaar verbonden zijn en waar knelpunten of kansen liggen voor biodiversiteit.


💡 Praktische tip: herfst is ideaal om de effectiviteit van genomen maatregelen te controleren en om eventuele 
aanpassingen aan het werkplan te maken voordat de winter begint.

Winter (december – februari)

De winter is een rustige periode voor veel soorten, in dit seizoen wordt dan ook weinig tot geen onderzoek verricht. Het seizoen biedt wel een ander perspectief op de omgeving en kan inzichten geven die in andere seizoenen minder zichtbaar zijn. Desondanks blijft de winter vaak een voorbereidend, in plaats van een doorslaggevend seizoen.

Onderzoeksmogelijkheden zijn onder andere:

  • Vleermuizen, veel soorten overwinteren in gebouwen, grotten of andere beschutte plekken. Er kan onderzoek worden gedaan naar het gedrag van vleermuizen, dit betekent dat het meer draait om horen dan om zien. De winter vormt echter zelden sluitend bewijs voor vleermuizen.
  • Zoogdieren, er kunnen sporen, holen en vaste rustplaatsen van zoogdieren in kaart worden gebracht. Door het ontbreken van dichte vegetatie zijn looproutes, graafsporen en verblijfplaatsen vaak beter zichtbaar. Desondanks is de kraamperiode de beste tijd om zoogdieren in kaart te brengen.
  • Vegetatie en habitats, hoewel de meeste planten in winterrust zijn, kunnen ecologen de opbouw van vegetatie en de aanwezigheid van structuren zoals houtwallen, oude bomen of heggen beoordelen. Dit helpt bij planning van toekomstige werkzaamheden.

 

💡 Praktische tip: winteronderzoek is ideaal voor voorbereidend veldwerk, zoals het scouten van potentiële risicozones en het plannen van vervolgonderzoek in het voorjaar.

Besneeuwde gesnoeide knotwilgen langs de sloot in de winter
In de winter tonen kale knotwilgen hun snoeiwijze en beheer, essentieel voor ecologisch en landschappelijk overzicht.

Tips voor een succesvolle seizoensplanning

  1. Begin op tijd met ecologisch nadenken
    
Een effectieve seizoensplanning start al in de ontwerpfase of bij de eerste projectverkenning. Door vroeg rekening te houden met soortenonderzoek voorkom je tijdsdruk, uitstel van werkzaamheden of het missen van cruciale onderzoeksperiodes.
  2. Bouw flexibiliteit in de planning
    
Niet elk ecologisch onderzoek kan het hele jaar door worden uitgevoerd. Weersomstandigheden en seizoensgebonden activiteit van soorten spelen een grote rol. Door ruimte te laten voor verschuivingen of alternatieve werkvolgorden blijft een project uitvoerbaar.
  3. Combineer onderzoeken waar mogelijk

    Veel soortenonderzoeken overlappen in tijd en locatie. Door onderzoeken slim te combineren, kunnen meerdere soortgroepen in één veldbezoek worden meegenomen. Dit bespaart kosten, tijd en beperkt verstoring van de omgeving.
  4. Betrek een ecoloog bij het projectteam
    
Een ecoloog kan vroegtijdig meedenken over haalbaarheid, risico’s en kansen. Dit zorgt voor duidelijkheid in de planning, voorkomt juridische problemen en draagt bij aan een zorgvuldige en efficiënte uitvoering van het project.

Conclusie: Succes in alle seizoenen

Een seizoenskalender voor soortenonderzoek helpt bouwbedrijven, architecten en gemeenten om hun projecten ecologisch verantwoord te plannen. Door rekening te houden met de natuurlijke ritmes van vogels, vleermuizen, insecten en planten, verklein je het risico op verstoring, vertragingen en juridische complicaties.

Kun je wel wat hulp gebruiken bij je planning voor het komende project? Neem contact met ons op voor een vrijblijvend advies, we denken graag met je mee. Wil je meer weten over dit onderwerp? Bekijk onze dienst: Soortspecifiek onderzoek